Energie theorie

Op de middelbare school leerde ik dat moleculen altijd in beweging zijn, zelfs in een vaste stof, als het bureaublad. Hier was ik van onder de indruk: het tafelblad waaraan ik werkte, was in feite een bewegend iets. Iets wat in beweging is, is energie. Energie zit dus ook in de vaste massa.

De kennis over energie, aantrekkingskracht, beweging, die de mens al eeuwenlang vanuit gevoel en intuïtie en in verbinding met de natuur had, is in de wetenschap door Einstein bewezen met zijn relativiteitstheorie: massa en energie zijn uitwisselbaar en dus gelijk aan elkaar. Energie is van nature altijd in beweging,  beweging is trilling, dus energie is trilling, uitgedrukt in frequentie en golflengte. Er zijn verschillende trillingen: hoge en lage.

Energie stroomt altijd van een hoge naar een lagere trilling. Een lage trilling kan nooit naar een hoge trilling gaan. Een lagere trilling kan wel hoger gaan trillen door het contact met de hogere trilling. Het aantal trillingen per seconde geeft een bepaalde frequentie.

Waarom deze theorie? Het laat zien dat er veel meer om ons heen is, in beweging is, dan dat wij met het blote oog kunnen waarnemen.

De energie vertaald naar de interactie van mensen:

Als iemand je iets vertelt en je begrijpt wat hij zegt, dan zit je energetisch op dezelfde trilling of golflengte. Je verstaat elkaar je vindt elkaar in het gesprek.

Als iemand je vertelt hoe zwaar hij het heeft, dat alles kommer en kwel is, dan heeft hij een lage trilling. Als toehoorder, kan je je moe voelen na dit zware gesprek. Energetisch is jouw (hogere) trilling naar beneden getrokken door de lagere trilling van de persoon die het zwaar heeft.

Andersom, kan iemand die het leven positief benadert (iemand met een hoge trilling), jou oppeppen: jouw lagere trilling wordt omhoog getrokken, waardoor je je weer beter voelt, je ziet weer “licht aan het einde van de tunnel”.